PRO DEO

De juridische tweedelijnsbijstand, gekend onder de term ‘pro deo’, is de juridische bijstand die door een advocaat wordt verleend aan een rechtzoekende, in de vorm van een juridisch advies of bijstand en vertegenwoordiging in het kader van een gerechtelijke procedure.

Rechtszoekenden wiens inkomen onder een bepaalde grens valt, of bepaalde categorieën personen waarvan vermoed wordt dat ze onvermogend zijn, kunnen beroep doen op een pro deo-advocaat.

Op 1 september 2016 is het nieuwe pro deo-systeem in werking getreden. De voorwaarden om van de tweedelijnsbijstand te kunnen genieten zijn strenger geworden.

Indien u in aanmerking komt voor deze (gedeeltelijk) kosteloze rechtsbijstand door een advocaat, bent u verplicht een forfaitaire bijdrage te betalen. Uw advocaat zal pas voor u optreden, indien u deze bijdrage betaald heeft. U betaalt 20 euro per aanstelling van een advocaat, en 30 euro per gerechtelijke procedure. In bepaalde gevallen kan u worden vrijgesteld van het betalen van deze forfaitaire bijdragen. (Bv. minderjarigen, bij een aanvraag collectieve schuldenregeling, in strafzaken indien u in aanmerking komt voor volledige kosteloze rechtsbijstand, een asielaanvraag, …) (art. 508/17 §§4-5 Ger.W.)

Indien u in aanmerking komt voor volledige kosteloze rechtsbijstand hoeft u, buiten voornoemde forfaitaire bijdrage, niets meer te betalen. Komt u in aanmerking voor gedeeltelijk kosteloze rechtsbijstand, dan dient u nog een bijkomende provisie te betalen tussen de € 25 en € 250. Het bedrag zal begroot worden door de Voorzitter van het Bureau voor Juridische Bijstand.

Indien u tijdens de procedure niet langer in aanmerking zou komen voor tweedelijnsbijstand, dient u daar uw advocaat over in te lichten.

Of u in aanmerking komt voor volledige of gedeeltelijke juridische tweedelijnsbijstand, is afhankelijk van uw inkomen. Niet enkel uw eigen inkomen wordt in rekening gebracht, maar ook het inkomen van alle meerderjarige personen die op hetzelfde adres wonen:

Alleenstaand
- volledige kosteloosheid
max. € 978,00 netto/maand
- gedeeltelijke kosteloosheid
tussen € 978,00 en € 1.255,00 netto/maand
 
Gehuwd, samenwonend of alleenstaand met persoon ten laste
- volledige kosteloosheid
max. € 1.255,00 netto/maand (= gezinsinkomen)
met personen ten laste:
1 persoon: € 1.428,48
2 personen: € 1.601,96
3 personen: € 1.775,44

- gedeeltelijke kosteloosheid
tss € 1.255,00 en € 1.531,00 netto/maand (= gezinsinkomen)
met personen ten laste:
1 persoon: € 1.704,48
2 personen: € 1.877,96
3 personen: € 2.051,44
 
per persoon extra: €173,48 (= 15% van €1.156,53 (leefloon voor personen met gezinslast op 01-06-2016))
 
 
Indien u in aanmerking komt voor de juridische tweedelijnsbijstand dient u bij uw eerste consultatie volgende documenten mee te brengen:
1. Attest samenstelling gezin
2. Het bewijs van uw inkomen – gedurende de laatste 3 maanden (loonfiches, attest ziekenfonds, …)
3. Voor zelfstandigen: laatste aanslagbiljet + attestering boekhouder laatste kwartaal
4. Een correct ingevuld aanvraagformulier tweedelijnsbijstand (uw advocaat zal u dit formulier ter beschikking stellen)
5. Indien u in collectieve schuldbemiddeling bent: het attest van de schuldbemiddelaar dient het exacte bedrag van het leefloon te vermelden dat op maandbasis wordt uitbetaald en tevens het exact bedrag van de maandelijkse kosten (huur, nutsvoorzieningen, ...) die door de schuldbemiddelaar bovenop dit leefloon rechtstreeks worden betaald.
6. Indien u onderhoudsgeld ontvangt: bewijs van betaling van het onderhoudsgeld. Of indien u kinderen ten laste heeft waarvoor u onderhoudsgeld zou moeten ontvangen, maar geen onderhoudsgeld ontvangt: een handgeschreven verklaring op eer dat u geen onderhoudsgeld ontvangt.
 
Bepaalde situaties vereisen andere bewijsstukken:
Personen die in aanmerking komen op basis de gelijkgestelde categorieën (art. 1 § 4 KB 18/12/2003):
• de minderjarige: de identiteitskaart of een document waaruit de minderjarigheid blijkt
Personen die in aanmerking komen op basis van de gelijkgestelde categorieën behoudens tegenbewijs (art. 1 § 2 KB 18/12/2003).
Overzicht van de te voor te leggen stukken:
• u ontvangt een leefloon of een maatschappelijk bijstand van het OCMW:  minstens de geldige beslissing van het betrokken OCMW kunnen voorleggen
• gewaarborgd inkomen voor bejaarden: minstens het jaarlijks attest van de Rijksdienst voor Pensioenen kunnen voorleggen
• u ontvangt een inkomensvervangende tegemoetkoming voor gehandicapten: minstens de beslissing van de minister tot wiens bevoegdheid de sociale zekerheid behoort of van de door hem afgevaardigde ambtenaar bijbrengen (www.handiweb.be) kunnen voorleggen of een recent rekeninguittreksel met laatst   ontvangen uitkering (IT/IVT);
• u hebt een kind ten laste dat de gewaarborgde kinderbijslag geniet (niet verhoogde kinderbijslag): minstens het attest van het Federaal agentschap voor de kinderbijslag  (Famifed) kunnen voorleggen
• u bent huurder van een sociale woning in het Vlaams Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest én betaalt een huur die overeenkomt met de helft van de basishuurprijs: minstens de laatste huurberekeningsfiche kunnen voorleggen;
• u bent gedetineerde: minstens een bewijs met betrekking tot het statuut van gedetineerde toevoegen, bijvoorbeeld een attest gevangenschap;
• u bent beklaagde bedoeld in de artikelen 216quinquies tot 216septies van het wetboek van Strafvordering: minstens de nodige bewijsstukken voorleggen;
• u bent geesteszieke voor wat betreft de toepassing van de wet van 26 juni 1990 betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke: minstens de nodige bewijsstukken voorleggen;
• de vreemdeling, voor wat betreft de indiening van het verzoek tot machtiging van verblijf, of van een administratief of rechterlijk beroep tegen een beslissing die genomen werd met toepassing van de wetten betreffende de toegang, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen: minstens de nodige bewijsstukken voorleggen
• de asielaanvrager of de persoon die een aanvraag indient van het statuut van ontheemde: minstens de nodige bewijsstukken voorleggen;
• de persoon belast met overmatige schulden met het oog op de inleiding van een procedure collectieve schuldenregeling: Minstens inkomstenbewijzen van alle meerderjarige samenwonenden kunnen voorleggen.
 
Komt u niet in aanmerking voor de juridische tweedelijnsbijstand, dan bent u uw advocaat een ereloon, evenals een vergoeding voor de kosten, verschuldigd. Vanaf 1 januari 2014 zijn de prestaties van een advocaat aan de BTW (21%) onderworpen.